Wat betekent het?
Een eenvoudige definitie van het woord puberteit is "beginnende seksuele rijpheid". Het gaat om de periode waarin bepaalde klieren en hormonen actief worden en je lichaam volwassen wordt.
Hormonen zijn scheikundige stoffen die je lichaam produceert en die in je bloed zitten om bepaalde veranderingen te stimuleren. Bijvoorbeeld: tijdens de puberteit stimuleren de groeihormonen de groei van botten en spieren.
Welke invloed heeft de puberteit op je diabetes?
Groeihormonen - bijzonder actief in de puberteit! - kunnen de werking van insuline verminderen, zodat je bloedglucosespiegel eerder zal stijgen, zeker in de vroege ochtend. Daardoor is je diabetes in de puberteit moeilijker onder controle te krijgen.
Doordat de behoefte aan insuline sterk kan variëren, zal je de in te spuiten insulinedosis regelmatig moeten aanpassen.
Het kan knap frustrerend zijn als je je best doet om je diabetes onder controle te krijgen, en je merkt dan dat je bloedglucoses toch steeds van "hoog naar laag schieten", en omgekeerd.
Welke veranderingen zie je aan je lichaam?
- De voortplantingsorganen (baarmoeder, eileiders en eierstokken) komen tot ontwikkeling
- Eerste eisprong (vrijkomen van de eicel) en begin van de menstruatie
- Ontwikkeling van de borsten
- Haargroei in de schaamstreek en in de oksels
- Verbreding van het bekken
- Op sommige plaatsen gaat meer vet zitten, waardoor je lichaam van vorm verandert
Heeft de menstruatie invloed op je diabetes?
De menstruatie kan allerlei invloeden hebben, of je nu diabetes hebt of niet. Sommige vrouwen krijgen een paar dagen voor de menstruatie trek om van alles te snoepen. Hetzelfde komt voor bij vrouwen met diabetes, maar dat kan dan ook te maken hebben met een te laag bloedglucosegehalte.
Het is belangrijk om gedurende de menstruatie regelmatig je bloedglucosewaarden te controleren. Je ziet dan wat voor veranderingen er zijn, zodat je eventueel de insulinedosis correct kunt aanpassen. Overleg - zeker als je begint te menstrueren - ook met je arts of diabetesverpleegkundige!